De Atlas Ferraris

De Ferrariskaarten zijn een verzameling van 275 zeer gedetailleerde topografische kaarten van de Oostenrijkse Nederlanden, aangevuld met het Prinsbisdom Luik, gemaakt in opdracht van landvoogd Karel van Lotharingen. Ze kwamen tussen 1771 en 1778 tot stand onder leiding van Joseph de Ferraris (1726-1814), generaal bij de Oostenrijkse artillerie, veldmaarschalk in de Oostenrijkse Nederlanden. Het is de eerste systematische en grootschalige kartering in zowel onze streken als Europa.

Reeds in 1767-1768 liet de Oostenrijkse regering uit militaire overwegingen een kaart maken van het Zoniënwoud en de omgeving van Mariemont, gebaseerd op gedetailleerde metingen.
Op laste van keizerin Maria Theresia en keizer Josef II, werd in 1771 begonnen aan de Kabinetskaart (Carte-de-Cabinet) van de Oostenrijkse Nederlanden. Tussen de 97 en 178 artilleristen van de École des mathématiques du corps d’artillerie des Pays-Bas autrichiens de Malines voerden ter plaatse nauwgezet opmetingen en waarnemingen uit, die werden vastgelegd met een schaal van 1:11.520. Dit resulteerde na zes jaar in een reeks van 275 kaarten van 0,90m x 1,40m, elk met de hand getekend en ingekleurd. De complexe staatsgrenzen waren een voortdurend twistpunt. Tussen 1777 en 1779 zijn zes bijgewerkte kaarten aangemaakt van de betwiste gebieden.

Ferraris ging uiterst gedetailleerd te werk. Elk gebouw (boerderijen, kerken, kastelen, molens,…), rivieren, bossen, tot zelfs grachten en galgen toe werden vastgelegd. Elke kerktoren kreeg een nummer. Dat was het nummer van de parochie, en werd ook bij de huizen geplaatst. De namen van deze parochies en gehuchten zouden later onder het Franse bewind de gemeentenamen worden.
Bij de prachtige grote vierkante pachthoven staat het woord cense (pachthof). De namen van de censiers (pachters) werden jammer genoeg niet gecatalogeerd, maar door vergelijking met andere bronnen kunnen vele stamhuizen toch nog geïdentificeerd worden. De kaarten werden voorzien van 12 delen handgeschreven commentaar in het Frans, over economisch en militair nut (waterlopen, bruggen, bossen, mogelijkheden tot inkwartieren).

detail van de digitale Ferrariskaarten op de website van de Koninklijke Bibliotheek van België

Er zijn drie originelen van de kaartenbundel gemaakt. Deze bevinden zich tegenwoordig in het Kriegsarchiv te Wenen, het Rijksarchief van Den Haag en de Koninklijke Bibliotheek van België te Brussel. Het Brusselse exemplaar was oorspronkelijk bestemd voor de opdrachtgever, Karel van Lotharingen, die op dat moment landvoogd was en zetelde in Brussel. Na de nederlaag tegen de Fransen in 1794 deponeerde hij zijn exemplaar in Wenen. In het kader van de compensaties voor de geleden schade tijdens de 1ste wereldoorlog, werd dit exemplaar in 1922 door Oostenrijk aan België overgedragen.

De kaarten werden tussen 1965 en 1979 heruitgegeven door het culturele fonds van het Gemeentekrediet, Pro Civitate, in een verkleinde schaal van 1:25.000. Een nieuwe gedrukte uitgave kwam er in 2009 door uitgeverij Lannoo (2de druk in september 2017). Deze Atlas Ferraris meet 66 bij 53cm, weegt 12 kilo en telt 608 bladzijden. Elk origineel blad beslaagt een dubbele pagina.

De in 2007 ingescande kaarten die gemaakt werden voor deze druk, zijn ook online te bekijken op de site van Geopunt Vlaanderen, en de Koninklijke Bibliotheek van België. De KBR toont de originele kaarten, terwijl Geopunt de kaarten licht vervormde om ze te doen passen op hedendaagse kaarten.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.